| Uit Onderwijs | Plannen, plannen en nog eens plannen. De politiek had er veel voor het onderwijs. De afbraak begon bij de verschrikkelijke Mammoetwet uit 1963. Onderwijs dat het beste uit een ieder haalt zou het streven moeten zijn: niet onderwijs dat voor een ieder toegankelijk is. Kinderen die graag met de handen werken worden verveeld met theorie, de studietalenten worden te kort gedaan door nivellering van onderwijs. Leren moest vooral leuk worden en er moest sprake zijn van eigen initiatief. Dat alles heeft geresulteerd in onderwijs dat ver onder de maat is. De kleinschaligheid moet terug. De school moet weer een gemeenschap worden waarin kinderen veilig opgroeien en gevormd worden tot burgers die een samenleving waardig en goed kunnen leiden. Weg met de grote scholengemeenschappen die leerlingen anonimiseren tot nummers en een anarchistische inrichting hebben en dus geen geborgenheid bieden! | | zie programma | meer van Fortuyn | reageer |
|
| Uit Hoger onderwijs | Nederland moet volgens de huidige regering in 2010 in Europa de meest ontwikkelde kenniseconomie zijn. Dit vereist dat het hoger onderwijs een heel stuk beter zou moeten worden. Voor steeds meer beroepen en functies is een hogere opleiding vereist. Permanent moeten mensen worden bijgeschoold. Maar de afgelopen twintig jaar is er fors op het hoger onderwijs bezuinigd en is de verambtelijking en bureaucratisering tot grote hoogte gestegen. Dit kan niet zo doorgaan. Stagnatie ligt op de loer. Investeren in het hoger onderwijs is nu meer nodig dan ooit! Maar dan wel door eindelijk eens flink te bezuinigen op al die overbodige bestuurslagen en adviesinstanties! | | zie programma | meer van Fortuyn | reageer |
|
| Uit Hoger onderwijs | Ook het hoger onderwijs in Nederland heeft de afgelopen jaren veel voor zijn kiezen gehad. Ondanks veel tegenstand van mensen die het moesten uitvoeren, is met veel pressie van het ministerie het bachelor-mastersysteem ingevoerd. Door de invoering van internationale accreditatie wordt de kwaliteit sterk gekoppeld aan bekostiging. | | zie programma | meer van Fortuyn | reageer |
|
| Uit Onderwijs | Maar zijn die veranderingen ook echt verbeteringen? Daar kunnen we alleen achter komen als het onderwijs genoeg aandacht krijgt van de politiek en - wat natuurlijk minstens even belangrijk is - meer werk wordt gemaakt van ‘debureaucratisering’ en verbetering van de onderwijskwaliteit. | | zie programma | meer van Fortuyn | reageer |
|
| Uit Onderwijs | Maar er is nog veel meer ellende. Veel door den Haag opgelegde programma’s om het onderwijs te vernieuwen zijn jammerlijk mislukt. Ondertussen is de aansluiting van het onderwijs op de arbeidsmarkt nog steeds gebrekkig. Vooral bij het VMBO. Bovendien is de autonomie van de scholen grotendeels uitgehold door overbodige regelgeving (circularitis). De bevoegdheden van de directeuren in het basisonderwijs zijn tot een onaanvaardbaar minimum teruggebracht door de ondergeschiktheid aan ‘hogere’ bestuurslagen. Het lerarentekort dreigt de pan uit te reizen en de werkdruk voor docenten is te hoog. De kwaliteit van de lerarenopleidingen staat ter discussie, er zijn nog veel onderwijsachterstanden in te halen en de invoering van de tweede fase in het voortgezet onderwijs heeft tot grote problemen geleid. Ten koste van de inzet en arbeidsvreugde van docenten en de motivatie van leerlingen en hun ouders. | | zie programma | meer van Fortuyn | reageer |
|
| Uit Onderwijs | De in het onderwijs overheersende ideologie lijkt ervan uit te gaan dat kinderen vrij en ongebonden hun eigen leerproces kunnen en moeten vormgeven. Ze moeten het ’leuk’ vinden, zoals ze het ook ’leuk’ vinden om te worden vermaakt door de consumptiecultuur. Daarbij moeten ze vooral niet te veel opgedrongen krijgen van anderen -vooral van de docent. Want, zo wordt volkomen ten onrechte verondersteld, docenten mogen geen inbreuk maken op hun individuele vrijheid en zelfstandigheid. | | zie programma | meer van Fortuyn | reageer |
|
| Uit Onderwijs | Een verhoging van het salaris met 10 % zal een positieve uitwerking hebben op de personeelstekorten in het onderwijs. In dit verband is het ook zinvol om het tekort aan leraren in het voortgezet onderwijs gerichter aan te pakken. Geef docenten in de exacte vakken een salarisverhoging, dat ook voor docenten in andere schaarse vakken zoals Duits kan gelden. De komende jaren zal het tekort aan leraren sterk toenemen omdat het docentenkorps ernstig vergrijsd is. Ongeveer een kwart van de docenten is tussen de 55 en 65 jaar, zo’n 20.000 mensen. Zij gaan de komende jaren massaal met prepensioen en pensioen. Er staan bij lange na niet genoeg mensen klaar om dit gat op te vullen. Volgens het ministerie van Onderwijs loopt het aantal vacatures in 2010 mogelijk op tot 3000 voltijdbanen (fte), op een totaal van 62.000 fte. Een waarschijnlijk veel te positieve schatting! | | zie programma | meer van Fortuyn | reageer |
|
| Uit Onderwijs | De kleine school als gemeenschap, waarbij naast kennisoverdracht ook vorming centraal staat, dient in ere te worden hersteld. Waarlijk echte democratisering in het onderwijs is de taak voor de toekomst! Scholen zijn samengevoegd tot scholengemeenschappen die vaak meer dan duizend leerlingen in zich herbergen. De school als samenlevingsverband verliest meer en meer haar betekenis. Daarmee verliest het ook zijn betekenis als waarden en normen overdragend instituut. Daarmee komt de samenleving onder druk te staan. En dat terwijl het allemaal zo anders kan! De informaticarevolutie stelt ons in staat de menselijke maat terug te brengen. Op kleine schaal werken en toch efficiëntie en effectiviteit bewaren. Daarmee kan de menselijke maat terugkeren. | | zie programma | meer van Fortuyn | reageer |
|
| Uit Onderwijs | Wij zijn het eens met deze analyse van de filosoof Verbrugge. Het is de laatste tijd ‘bon ton’ de docent die van zijn vak houdt, weg te zetten als ‘vakidioot’. Alsof hij te veel waarde hecht aan kennis die er voor leerlingen eigenlijk niet toe doet. “Maar waar het bij hem of haar vooral om gaat, is de individuele leerling, waarschijnlijk meer dan bij de vele onderwijshervormers het geval is. Gedegen vakkennis staat, mede door deze hervormers, niet meer centraal in het onderwijs, en daar worden generaties leerlingen de dupe van. Dat ook de docent altijd nog moet leren, wordt gebruikt als een argument om ongekwalificeerde mensen voor de klas te kunnen zetten. Inderdaad is het zo dat een leraar levenslang blijft leren, maar het is toch ook niet zo dat Johan Cruijff nog moet leren voetballen? De leerlingen hebben door deze jarenlange aanval op de vakdocent geen voorbeeld meer voor de klas staan van mensen die uitmunten.’’ | | zie programma | meer van Fortuyn | reageer |
|
| Uit Universiteiten | Universiteiten zullen meer dan ooit gedwongen worden strategische keuzes te maken. Door de massificatie van het hoger onderwijs en de globalisering van de economie neemt de nationale en internationale competitie tussen de universiteiten steeds meer toe. Er zal meer moeten worden ingespeeld op de vraag naar breder geschoolde academici die met kennis kunnen omgaan -de uitdaging van de telematicatoepassingen is hierbij cruciaal. Op onderzoeksgebied moeten de universiteiten hun ‘intellectuele kapitaal’ veel strategischer inzetten, vooral in allianties met bedrijven die actief zijn op de (internationale) kennismarkt. En voor de technologietransfer ten slotte, is het van belang dat er nieuwe samenwerkingsvormen met marktpartners worden ontwikkeld. | | zie programma | meer van Fortuyn | reageer |
|